Het onderwijs OBS Anne Frank

Ons onderwijs

Taal

De aspecten van taal

Taal bestaat uit verschillende aspecten:

Mondelinge taal
Woordenschat
Communicatieve vaardigheden

Schriftelijke taal
Lezen
Schrijven
Spelling

De taal aspecten die echt chronologisch moeten worden aangeleerd, zoals lezen, schrijven, spellen, goede zinnen maken worden met methodes aangeleerd. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van TaalActief voor spelling en voor de andere aspecten wordt met Snappet gewerkt. Een digitale methode met een goede opbouw en veel differentiatie mogelijkheden.
De actieve delen van de taal worden vooral geoefend met het thema werk. Onderzoek doen met begrijpend lezen, een verhaal schrijven voor een presentatie, enz.

Rekenen

Van materiaal naar abstract

Het rekenonderwijs begint het aanleren van de telrij en het tellen van allerlei spullen.
Vervolgens worden er met materialen sommetjes gemaakt.
De volgende stap is het leren schrijven van cijfers en de overstap maken naar rekenen op papier. Eerst nog met materiaal ernaast maar langsaam steeds meer alleen met de symbolen.
Tot slot stappen we over op de digitale rekenmethode Snappet. Hierin wordt deze opbouw voort gezet. Bij elke nieuwe bewerking is er een uitleg met materialen en worden de opgaven steeds abstracter en natuurlijk ook moeilijker.

Themawerk

De thema opbouw

De onderwerpen van de thema's hebben een opbouw van hier en nu naar steeds verder weg en in het verleden of in de toekomst.
Peuters en kleuters werken met thema's als: Wij doen boodschappen doen, We gaan naar de supermarkt, Ik moet naar de dokter, Als je in het ziekenhuis ligt.
Vanaf groep drie zijn alle onderwerpen uit de wereld oriëntatie in de thema's opgenomen. Thema's zijn dan bijvoorbeeld Wij maken een museum, Nederland is een waterland, Hoe leefden de Romeinen.

Sport en spel

Bewegen is belangrijk

De kinderen van groep 1 krijgen bewegingsonderwijs van hun eigen leerkracht en spelen dagelijks buiten. Vanaf groep 2 krijgen de kinderen les van vakleerkrachten gym. Groep 2 1 keer per week en ook nog van hun eigen leerkracht. Vanaf groep 3 twee keer per week40 minuten in de gymzaal of buiten als het weer dat toelaat.
Daarnaast is er een uitgebreid naschools sportprogramma waar de kinderen op in kunnen schrijven. Deze lessen worden vaak gegeven van trainers van sportverenigingen, die hun eigen sport komen aanleren. Voorbeelden turnen, judo, basketbal, korfbal, paardrijden, enz.